Archief voor Hergé

Een moeilijke erfenis

Tintin

Image by Michael Heilemann via Flickr

Kuifje, de klassieker der klassiekers als je spreekt over het Europese beeldverhaal. Beroemd van België tot Japan, enkel de Angelsaksische landen doen er nog niet zo aan mee. Daar moet de nakende film een mouw aan passen. Steven Spielberg en Peter Jackson nemen die taak op zich. Sterker nog, Peter Jackson zou met Tintin: The Secret of the Unicorn (Het geheim van de Eenhoorn – De schat van Scharlaken Rackham) intussen al klaar zijn. Enkele grote Kuifjefans roepen echter op om niét te gaan kijken. Paradoxaal?

Je zult het wel verstaan als je het volgende leest, denk ik. Bob Garcia, een Fransman, had 5 essays geschreven over Hergé en Kuifje, met een oplage van 500 stuks. Daarbij gebruikte hij één afbeelding van Kuifje. Eentje te veel voor de erfgenamen van Hergé, zijn weduwe Fanny en haar nieuwe echtgenoot, Nick Rodwell. Die spanden een rechtszaak aan en ze wonnen. De schrijver moet 40.000 euro betalen. Een ware ravage voor de bewuste man, die met zijn essays niet eens rijk kon en wou worden.

Juridisch gesproken is het natuurlijk wel juist. De man had geen toelating. Maar de familie Rodwell is niet echt menselijk. Als er wat over Kuifje of Hergé verschijnt waar zij geen controle over hebben, dan eindigt het altijd heel snel in een rechtszaak. Zo is er ooit een geweldig goede site over Kuifje gesloten omdat die ook ongevraagd tekeningen gebruikte. De site was pure reclame voor Kuifje. Een zeer complete site, met allerlei vrij onbekende weetjes, niet eens anti-Rodwell. Zo eigenlijk alles wat je maar wou weten over Kuifje. Maar ja, Rodwell verdient daar niets aan, toch niet rechtstreeks. Zo’n info staat ook in de honderden boeken over Kuifje, die vaak weinig algemene inhoud hebben.

Het was zo ook al verboden om foto’s te nemen in het recent geopende museum over Hergé. Journalisten die de opening bijwoonden moesten hun camera thuis laten. Wat een idee. Sommige journalisten bleven dus thuis. Het verhaal kreeg een staartje, want na wat negatieve commentaar door bepaalde journaliste, reageerde Nick Rodwell furieus en begon hij in het leven van die journalisten te graven. Op de weblog op de Kuifjewebsite vroeg hij zich dan bijvoorbeeld openlijk af of een bepaalde journalist zo negatief doet omdat hij zelf een slecht leven heeft, door o.a. zijn gehandicapt kind.

Toen er Made in Belgium was, een tentoonstelling voor 175 België, kon er ook geen prentje van Kuifje af om er tentoon te stellen. Waarom niet? De erfgenamen krijgen er geen cent voor. Na wat negatieve kritiek gaven ze uiteindelijk toch toe. Maar in het geval van schrijver Garcia dus niet. Onderhandelen en samen tot een vreedzame oplossing komen blijkt onmogelijk voor de erfgenamen. Dus maken ze het leven van die man maar even stuk. Auteursrechten zeggen ze dan.

Dus roepen de echte fans op om niet langer Kuifjeproducten te kopen. Geen films bekijken, het museum niet bezoeken. Ze hebben zich niet gekeerd tegen Kuifje, wel tegen de bestemming van het geld van de producten: de wrede erfgenamen. Niets tegen de film, wel tegen Rodwell dus. Ik weet niet of ik er zo ver in wil gaan, maar de actie mag wel op mijn sympathie rekenen. Hopelijk worden de volgende erfgenamen een stuk milder.

Jammer genoeg zijn ze hier niet alleen in. Erfgenamen van andere kunstenaars zijn vaak niet minder erg. Jammer, zeker als het over dingen gaat waar zij voordeel uit putten, hoewel onrechtstreeks.

Reblog this post [with Zemanta]

Laat een reactie achter

D’aveteurn van Kuiftsje: Et radsel van den Ainhoorn/De sjhat van Sjhétterrooje Rackham

Cover 'Et radsel van den Ainhoorn'

Van Kuifje worden al jaren geen nieuwe albums meer gemaakt. Iedereen heeft de albums intussen ook al allemaal, dus dreigen de erfgenamen van wijlen tekenaar Hergé stilaan minder inkomsten te krijgen. Er wordt dan ook krampachtig geprobeerd oud materiaal in nieuwe formaten te gieten zodat er toch nog gekocht wordt. De erfgenamen zijn er heel sterk in. Ze begonnen met de oude zwart-witversies van de albums opnieuw uit te geven, te beginnen met Kuifje in het land van de Sovjets. Intussen volgden ook A5-versies van de albums en ook nieuwe drukken van de oude versies van de albums (facsimile), waar Hergé later nog aan sleutelde voor latere uitgaven. Blijkbaar was dat nog niet genoeg, dus worden nog andere albums uitgegeven: dialectversies. Er zijn er al in allerlei Franse dialecten, maar ook in het Brussels, Hasselts, Antwerps en ook het Oostends. In het Oostends verscheen een onechte facsimile (want natuurlijk verscheen de echte versie nooit in het dialect) van De Zwarte Rotsen, Et doenker ejland. Het werd een groot succes. Het kon dan ook niet uitblijven: er moest opvolging voorzien worden. Twee nieuwe albums moesten er deze keer aan geloven: Het geheim van de Eenhoorn en De schat van Scharlaken Rackham. Slim gezien, want zo moet je ze al bijna beiden kopen. De verhalen sluiten namelijk op elkaar aan.

Cover 'De sjhat van Sjhetterrooje Rackham'

Deze editie

Wie Et doenker ejland las, weet waar zich aan te verwachten: pittig dialect met woorden en uitdrukkingen waarvan je misschien nog nooit gehoord hebt. Zelfs voor een rasechte West-Vlaming als ik is het soms onverstaanbaar. Gelukkig zijn de boeken steeds voorzien van een woordenlijstje en een grammatica. Zelfs een Bruggeling als ik zal het nodig hebben, want Oostends is blijkbaar toch nog iets aparts. De vertaler vond het ook maar wat prettig dat in dit album ook kapitein Haddock een prominente rol speelt. De kapitein staat er om bekend heel wat scheldwoorden te kennen. Net die worden door klassieke, West-Vlaamse scheldwoorden vervangen. Sommige ook door typische woorden voor Oostendse vissers, wat natuurlijk prima past bij de oude zeebonk.

Ik heb er geen flauw benul van of niet-West-Vlamingen er zelfs maar één zin uit verstaan, maar voor de mensen die het dialect een beetje machtig zijn, is dit zeker iets fijns.

Als er dan toch een minpunt is aan dit album, dan is het misschien wel dat ze iets te ver zijn gegaan in hun vertaalwerk. Echt élk woord is in het dialect omgezet. Dat voelt weinig natuurlijk aan. Zo zie je bijvoorbeeld een kalender met de dagen van de week in het dialect. Ook de krant is in het dialect. Door de vertaling wordt één passage ook wat verkeerd uitgebeeld. De Janssens heten hier Haspeslagh en Aspeslagh, maar net omdat hun namen niet meer beginnen met dezelfde letter gaat een scène waarin dit belangrijk is de mist in. Op een bepaald moment vinden ze hun gestolen portefeuilles terug bij een zakkenroller, allemaal onder de letter D. In de Nederlandse vertaling is dit onder de J (juist), maar in dit geval klopt er niets van. Het komt natuurlijk gewoon uit de Franse versie (Dupont), maar die ene letter maakt de grap wel stuk. Een detail, maar in een album waar ze alle details hebben vertaald, hadden ze dit ook beter kunnen doen.

Het verhaal

Et radsel van den Ainhoorn

Kuifje (Kuiftsje) koopt op de Oude Markt in Brussel de maquette van een schip. Twee mannen proberen het over te kopen, maar Kuifje wil het per se cadeau doen aan kapitein Haddock. Die slaat bijna groen uit bij het zien van het geschenkje, want hij kent het schip van een schilderij waar zijn voorvader op te zien is. Zonder het te beseffen brengt het schip echter een hoop last met zich mee. Er wordt ingebroken bij Kuifje en het schip wordt gestolen. Kuifje verdenkt één van de mannen die het schip wou overkopen, maar ook hij wordt het slachtoffer van de echte misdadiger. Dankzij een boek van de voorvader van Haddock wordt wel één en ander opgehelderd: de voorvader voer zelf ooit met het grote schip, de Eenhoorn. Het schip werd gekaapt door piraat Scharlaken Rackham (Sjhétterrooje Rackham), maar voorvader Swatn wist te ontsnappen, mogelijk samen met de buit van de piraat. Hij ging aan land op een eilandje en wachtte daar op zijn redding. Hij maakte later drie maquettes en verstopte er een schatkaart in, maar die is enkel leesbaar als de drie papiertjes samen zijn. Kuifje beseft waar de inbrekers op uit waren, maar ze vonden het papiertje niet. Dat was toevallig al uit het schip gerold toen Bobbie het liet vallen. Als de andere man van de markt dan plots voor Kuifjes deur staat, gaat de bal aan het rollen: de man wordt neergeschoten en niet veel later wordt Kuifje ontvoerd. De inbrekers waren nu plots ook potentiële moordenaars en kidnappers. Ze menen dat Kuifje hun papiertjes heeft gestolen en ze willen ze terug. Hij wordt opgesloten in de kelder van hun schuilplaats: kasteel Molensloot (Meulediek). Kuifje weet te ontsnappen en belt de kapitein op, die samen met de hulp van de neergeschoten man (levend en wel) Kuifje ter hulp schiet. De schurken worden overmeesterd. En de papiertjes? Die blijken bij een zakkenroller te zijn terechtgekomen. Samen blijken ze aan te geven waar de Eenhoorn is gezonken. De plek waar de schat ligt?

De sjhat van Sjhétterrooje Rackham

Kuifje en Haddock gaan op schattenjacht! Een bizarre man met de naam Zonnebloem (Zunneblomme) komt tijdens de voorbereidingen even aankloppen met een uitvinding: een onderzeeërtje in haaivorm. De man blijkt zo goed als doof en denkt dat zijn duikboot mee mag op de expeditie. Het duurt even voor het hem duidelijk is dat dit niet het geval is. Hij gaat dan maar als verstekeling mee en verstopt zijn duikbootje in kisten waar normaal whiskey in hoort te zitten. De kapitein kan er niet om lachen als hij dat op volle zee ontdekt, maar de duikboot blijkt van groot belang om het gezonken schip te vinden. De bemanning zoekt koortsachtig op het eiland en onder water naar de schat, maar ze vinden niets. Teleurgesteld keren ze terug, samen met heel wat interessant materiaal uit het schip, waaronder enkele perkamentjes. Zonnebloem ontdekt daardoor dat voorvader Swatn ooit in kasteel Molensloot woonde. Zonnebloem koopt het voor de kapitein, als bedanking voor de reis en het testen van de onderzeeër. Kuifje en Haddock gaan het even bekijken en vinden er per toeval… de schat van Scharlaken Rackham!

Mooi verhaal, een klassieker in de stripwereld. Een schattenjacht en haaien, een paar bandieten en de ongelooflijk domme Aspeslaghs: de perfecte mix voor een spannend tweeluik. Meerwaarde van de dialectversie? De grappige woordenschat natuurlijk! Heel zorgvuldig gedaan, wat een extra komische dimensie levert aan het album. Leuk voor de verzamelaar en de West-Vlaming die zijn collectie van Kuifje nog niet compleet heeft. Dat spaart je de kosten van het originele album, terwijl deze versie toch echt een meerwaarde biedt op taalgebied. Let op: dialect lezen is verdomd vermoeiend.

Uitgeverij Casterman

Richtprijs: € 11,50 per album (hardcover)

Reblog this post [with Zemanta]

Laat een reactie achter

De avonturen van Tom Colby: het geheim van de canyon

Fan zijn van Hergé impliceert dat je er iets van afweet. Dat is in mijn geval ook zo, dacht ik. Tot een vriend van me mij onlangs vroeg of ik iets wist over Tom Colby, een stripverhaal waaraan de grote Hergé zelf aan had meegewerkt en dat die vriend net had gekocht. Voluit De avonturen van Tom Colby: het geheim van de canyon. Tom Colby? Nooit van gehoord. Het geluk was met mij, want nauwelijks wat later vond ik het ook en kon ik het kopen. Een onbekende parel van Hergé?

Helaas nee. Hergé werkte inderdaad aan dit verhaal, maar niet alleen. Ook Edgar P. Jacbos, vooral bekend van Blake en Mortimer en zijn bijdragen aan De avonturen van Kuifje, werkte er aan mee. Maar de tekeningen komen niet van hen, maar van Paul Cuvelier. Die werd door Hergé belast met het tekenen van het verhaal waarvoor hij en Jacobs al een synopsis hadden geschreven, maar waarvan ze alleen nog maar de eerste plaat hadden getekend, als voorsmaakje om uitgevers te overtuigen in hen, als duo “Olav”, te investeren. Toen een uitgever dit inderdaad wou, werd Cuvelier, die de stiel wou leren, gevraagd het verhaal te tekenen.

Het verhaal was gepland in een realistische tekenstijl, want daar wou Olav zich net mee bezighouden. Dus Cuvelier maakte inderdaad een realistische strip, tevens zijn eerste strip ooit. Belangrijk: geen kleur, zwart-wit dus. Het verhaal speelt zich af in het Wilde Westen, inclusief cowboys en indianen.

Tom Colby komt op verzoek van de sheriff van een dorpje met de postkoets aan. Zijn rol is om uit te pluizen waarom de indianen in de streek opstandig worden. Veel tijd lijkt hij niet te hebben, want voor zijn neus wordt een man neergeschoten. De man is weliswaar een schurk, maar had naar eigen zeggen ernstig nieuws. Tom Colby gaat op bezoek bij de baas van het slachtoffer, Mac Dillan, maar die maakt hem al snel duidelijk zich er niet mee te moeien. Colby trekt er op uit met de aanwijzingen die het slachtoffer toch nog kon uitspreken alvorens te sterven: de Canyon van de Dood. Op weg naar en in de canyon wordt al snel duidelijk dat aanwezigheid van vreemden niet gewenst is. Hij wordt aangevallen en redt een aangevallen indiaan, Magora. Die vlucht, dus Colby moet alleen verder, met alle aanvallen erbij. Hij ontkomt telkens en komt uiteindelijk aan bij de opstandige indianen. Die nemen hem in vertrouwen, maar Mac Dillans clan hitst de indianen op tegen Colby. Weer weet hij te ontkomen, geholpen door Magora, plots weer helemaal aanwezig. Magora wil het nieuws aan zijn vader vertellen, een gerespecteerd stamhoofd, dat zijn stam wel kwijt is door uitroeiing. De gevierde indiaan komt net op tijd om de indianenstam tegen te houden voor ze Colby vermoorden. Ook de sheriff schiet ter hulp en weet Mac Dillan te overmeesteren. Mac Dillan blijkt een groot misdadiger en plunderaar te zijn die alleen maar de schuld in de schoenen van de indianen wil schuiven en ze daarom ophitst. De indianen en blanken sluiten weer vrede en Colby rijdt nieuwe avonturen (die er nooit kwamen) tegemoet.

Je leest het: een klassiek westernverhaaltje, zonder veel inhoud. Grafisch gezien ook geen topper, maar ah, het is een verhaal uit de jaren ‘40. De grote stripreeksen waren toen zelf nog niet groot. Wel gek dat zo’n pover verhaaltje uit het brein van twee grootmeester, Jacobs en Hergé, is ontsproten. Geen prachtig verhaal, wederom voer voor verzamelaars van Hergé, Jacobs en/of Cuvelier. Geen onbekende parel, wel belangrijk om het hele plaatje rond de drie tekenaars helemaal te vatten.

Uitgeverij Panda, 1000 exemplaren.

Niet nieuw verkrijgbaar.

Laat een reactie achter

Tintin (Kuifje): Le Temple du Soleil – 1946

Een nieuwe strip van Kuifje? Belange niet! Tekenaar Hergé is al een hele tijd geleden gestorven en voorlopig mag er geen nieuw album verschijnen. Binnen een 50-tal jaar wel, maar wie weet maak ik dat zelf al niet meer mee. Er liggen al Kuifjes klaar voor die datum, van andere tekenaars. Maar tot dan moeten we het stellen met oude albums.

Stichting Hergé probeert nog stevig munt te slaan uit de originele Kuifje zo lang het nog kan. Niet iedereen is even tevreden over hun aanpak en visie, maar of je nu fan bent of niet, ze brengen ook juweeltjes op de markt. Daarmee bedoel ik geen afgeleid product, maar écht werk van Hergé.

Een beetje geschiedenis

Kuifje verschijnt tijdens de Tweede Wereldoorlog in Le Soir, dat onder toezicht stond van de Duitse bezetter. Er verschijnen enkele verhalen, op steeds kleiner formaat. De oorlog heeft namelijk voor een drastisch papiertekort gezorgd. Aan de oorlog kwam gelukkig een eind, maar dat betekende ook voor Le Soir van die tijd het einde. Ook het verhaal van Kuifje dat toen liep, De 7 kristallen bollen, werd abrupt gestopt. Hergé werd bovendien van collaboratie beschuldigd, hij had uiteindelijk zijn boterham proberen te verdienen bij een krant van de bezetter. Dat was in 1944.

De Zonnetempel

Twee jaar later, in 1946, wordt het verhaal weer opgepikt. Raymond Leblanc sticht het weekblad Kuifje waarin die held natuurlijk een rol hoort te krijgen. Hergé kan weer beginnen werken. Hij pikte zijn onafgewerkte verhaal weer op. Eigenlijk was het verhaal zo goed als af en kon het vervolg, De Zonnetempel, bijna beginnen. In het nieuwe weekblad begon dan ook effectief het gloednieuwe verhaal De Zonnetempel, maar natuurlijk niet zomaar. Er kwam eerst een samenvatting van het avontuur uit Le Soir, zo konden nieuwe lezers het verhaal ook volgen en waren de oude lezers weer helemaal bij de les. De laatste platen van De 7 kristallen bollen werden ook gewoon in het verhaal geïntegreerd, ook al horen ze in feite niet bij De Zonnetempel (ook niet in de albumversies). Maar ja, het was toch een vervolgverhaal, niet? Logische keuze. Maar voor het weekblad wou Hergé een beetje speciaal doen. Het verhaal werd niet verticaal getekend, maar wel horizontaal. Dus anders dan in een stripalbum. Een vernieuwende manier die wel aansloeg. In de loop van het verhaal werden ook strookjes info aan de pagina’s toegevoegd. Info over de Inca’s, die een belangrijke rol spelen in het verhaal. Zo werd het verhaal ook nog educatief.

Fijne anekdote: de cover van het eerste weekblad werd ook gebruikt als cover voor dit boek en het doosje waar het boek in steekt.

Het album

Weekbladen worden weliswaar gemaakt om er voorpublicaties in af te drukken. Er kwam dus ook nog een echte publicatie, in albumvorm. Dat album moest natuurlijk gelijkaardig zijn aan de vorige albums. Kortom, De 7 kristallen bollen en De Zonnetempel verschenen rechtop, met de laatste platen van De 7 kristallen bollen in het juiste album. Maar omdat de originelen op een ander formaat waren getekend, moest er heel wat gesleuteld worden om er een albumformaat van te maken. Een groot knip- en plakwerkje waarbij een aantal platen uit de weekbladversie werden weggegooid. Natuurlijk is dat in de ogen van verzamelaars, zoals ik, doodzonde! Ook de uitgeverij had dit begrepen en daarom gaf ze het hele album dus opnieuw uit, maar dan in een speciale editie zoals het in het weekblad was verschenen. Het verhaal is wel hetzelfde gebleven, de platen niet. En daar is het verzamelaars om te doen: de kunst van het verhaal én de tekeningen. Al moet er wel heel duidelijk bij verteld worden dat de kwaliteit van de platen wat te wensen overlaat. Het lijken kopies te zijn uit de weekbladen, maar enkele pagina’s zijn wat vergaan. De tand des tijds, helaas.

Dit verhaal verscheen trouwens een aantal jaar geleden ook in De Morgen. Er kwam helaas (nog) geen Nederlandstalige boekversie van. Dus kopen in het Frans… Ah, met het originele album ernaast lukt dat wel aardig natuurlijk.

Het verhaal

Het verhaaltje is dus net hetzelfde als in het normale album, al zijn er hier en daar enkele extra scènes, die verder van weinig belang zijn. Het verhaal in deze speciale editie pikt dus in waar het vorige stopte in Le Soir. De 7 kristallen bollen ging ongeveer zo: 7 expeditieleden hadden een Incaschat gevonden en er een mummie van weggenomen. Eén na een kregen ze een vreselijke ziekte nadat er in hun huis een kristallen bol werd gegooid. De mummie zelf stond bij het laatste slachtoffer, maar werd door een geheimzinnige bliksem opgebrand. Professor Zonnebloem vond de armband van de mummie en klemde die om zijn pols. Hij werd gekidnapt en het lijkt er op dat enkele indianen daar voor iets tussen zitten…

In deze versie van De Zonnetempel vinden Kuifje en kapitein Haddock sporen die leiden naar de haven. Daar blijkt de kidnapper al per boot vertrokken te zijn naar Zuid-Amerika. Ze nemen het vliegtuig om eerder aan te komen, maar op de boot blijkt een ziekte te zijn uitgebroken. Kuifje vertrouwt het niet en ontdekt dat Zonnebloem op het schip zit. Hij wordt betrapt en vlucht alleen, met Bobbie, weg, maar hij houdt de boot in de gaten. Hij ziet de opvarenden vertrekken en volgt hen tot het station, waar ze de trein nemen. Kuifje wacht zijn vriend Haddock op om de achtervolging in te zetten, maar wordt tegengewerkt. Gelukkig is er de jonge Zorrino die wel weet en durft zeggen waar Zonnebloem heen is: de Zonnetempel, het paleis van de Inca’s. Hij leidt hen tot de Zonnetempel, maar daar krijgen Kuifje en zijn metgezellen niet bepaald een warme ontvangst. Ze worden ter dood veroordeeld. Als bij wonder heeft kapitein Haddock nog een oude krant bij waarin staat dat er een zonsverduistering aankomt. Kuifje maakt hier handig gebruik van: hij doet zich voor als een groot tovenaar die de zon kan bespelen. De Inca’s vrezen het ergste en laten Kuifje en zijn vrienden gauw vrij. En de vloek die over de expeditieleden is gekomen, wordt ook opgeheven. Eind goed, al goed, of wat had je gedacht?

Voor de echte fans!

Uitgeverij Casterman

Prijs: € 19,60 (nieuwe editie, hardcover in extra kartonnen beschermdoos)

Laat een reactie achter

Duidelijkheid rond Kuifjefilm

Het album waarop de film gebaseerd wordt.

Het album waarop de film gebaseerd wordt.©Casterman

Kuifje is 80 en springlevend. Dit jaar opent het eerst museum over Hergé, de geestelijke vader van Kuifje, in station Brussel-Luxemburg werd al een fresco met een afbeelding van Hergé onthuld, er verschijnen weer wat boeken… Kortom, te veel om op te sommen.

Een project waar er tegenwoordig ook heel wat om te doen is, is de film. Er wordt maar bitter weinig over gecommuniceerd, maar gisteren verscheen op vele plaatsen toch wat nieuws. Het was al geweten dat Dreamworks van Steven Spielberg zich met de film zou bezighouden. Spielberg zelf zou daar een grote rol in spelen, Peter Jackson, bekend van Lord of the Rings, ook. Grote namen voor onze bekendste en de wereldwijd best verkopende strip. Er zijn maar liefst 3 films voorzien, waarbij nu duidelijk is geworden dat albums Het geheim van de Eenhoorn en vast ook De schat van Scharlaken Rackham er in verwerkt wordt. In het Engels wordt dat dan mooi vertaald als The Adventures of Tintin: Secret of the Unicorn. Scharlaken Rackham, de piraat die de voorvader van kapitein Haddock heeft overvallen en een fortuin naliet, wordt dan het iets minder speciale Red Rackham. Gisteren raakte zowaar bekend dat die piraat gespeeld wordt door James Bond himself, Daniel Craig! Niet de eerste de beste acteur dus. Spielberg pakt het groots aan. De jarenlange droom van Stichting Hergé wordt stilaan werkelijkheid.

Andere acteurs waarvan stilaan zeker is dat ze een rol gaan spelen zijn:

  • Jamie Bell, Kuifje
  • Andy Serkis, kapitein Haddock
  • Simon Pegg en Nick Frost, Janssen en Jansen (vermoedelijk in deze volgorde)

Over de rest is het stilzwijgen nog niet doorbroken. Maar we weten, als de geruchten kloppen, dan toch al welk verhaal wordt verfilmd. Alhoewel… Andere geruchten beweren dan weer dat Eric Stoltz Dr. Krollspell gaat vertolken, een personage uit… Vlucht 714! Zoals een bekend tv-personage zou zeggen: man man man!

Afspraak in 2011, dan zou de eerste film gelanceerd moeten worden. Benieuwd wat het nu eigenlijk wordt.

Laat een reactie achter

Kuifje 80, zonder Kuifje

De Vlaamse media toch. Lees ik vanmorgen in één van m’n favoriete kranten, de Metro, “Met Kuifje de trein op”, een artikel over het fresco dat gisteren werd onthuld in Brussel-Luxemburg, het pas gerenoveerde station van de NMBS. Overigens, een heel mooi station, ik zag het enkele maanden geleden toen het al in behoorlijke staat was. Als je ooit naar het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen wil gaan: neem de trein, het ligt er echt niet zo ver van hoor.

Nu goed, het artikel dan. In het station is inderdaad een fresco onthuld. Helaas heeft Metro – waarvan de kantoren verdorie bij Brussel-Centraal liggen – niet goed gekeken naar het fresco. Geen Kuifje te bespeuren! De tekening is inderdaad een replica van een afbeelding van Hergé, maar is een plaat voor Quick en Flupke, niét voor Kuifje. De Metro wordt nota bene verdeeld in het station. De lezers zullen tevergeefs gezocht hebben naar Kuifje.

De verwarring is trouwens niet zo gek: het fresco is ook deels gemaakt ter ere van de 80ste verjaardag van Kuifje. Maar inderdaad: geen Kuifje op dit fresco. Het zal de treinreiziger wel worst wezen: als het maar mooi is.

Laat een reactie achter

Kuifje is homo!

zoek de vrouwen.

Personages te Molensloot: zoek de vrouwen.

Over Kuifje is al vreselijk veel gezegd en geschreven. Belgiës meest bekende ambassadeur wordt al te vaak in één adem genoemd met racisme en vermeende manliefhebberij. Ook gisteren en vandaag was het weer van dat. In een artikel van The Times staat te lezen dat Kuifje homofiel is. Vandaag werd het opgepikt door De Standaard en zelfs door MNM. Als Kuifjeliefhebber kan ik je wel op de naakte feiten drukken over de zin en onzin van deze uitspraken.

The Times beweert dat Kuifje homo is door tal van losse feitjes. Om te beginnen is er het aantal vrouwen in de Kuifjereeks. 2% van de personages zijn vrouwen. Verder is Kuifje over al die jaren heen niet verouderd. Net zoals homo’s… En dan is er nog zijn emoties: hij toont ze zelden, maar weende bijvoorbeeld wel toen hij vernam dat zijn vriend Tsjang dood is. In “De Blauwe Lotus” volgens het artikel, helaas bedoelen ze “Kuifje in Tibet”.

Het valt niet te ontkennen dat Kuifje bitter weinig vrouwen tegen het lijf loopt in de reeks. Dat hij dan alleen om mannen of jongens weent, is logisch. Hij kan niet wenen om wie hij niet kent. Dat hij jong bleef, is dan ook typisch voor een stripheld. Jommeke is ook al jaren 10, grote concurrent Robbedoes is ook nog steeds een jonge snaak. Bovendien kunnen we hier ook zeggen: wie geen vrouw kent, blijft jong. Maar zo vrouwonvriendelijk zou ik niet willen zijn.

Blijft het enige probleem dat Kuifje zoveel mannen kent. Een dronken kapitein, een gulzige hond, een dictator, een verstrooide professor en dan nog Jansen en Janssen, de doldwaze dubbelgangers. Dus is Kuifje homo? De vrouwen in de reeks zijn inderdaad minder opvallend. Bianca Castafiore is zeer bekend, een diva ten voeten uit, maar ze is de enige die echt bekend is. Bovendien zijn de vrouwen in de reeks vaak verpakt in hun klassieke rollen, in een stereotiep imago. Bianca is wel een harde tante, maar is vooral een diva; iets dat je moeilijk over een man kan zeggen. Ze heeft een kamermeisje met zich mee. Peggy Alcazar, vrouw van de generaal, is een al even harde tante, een manwijf ten voeten uit. De vrouw van Serafijn Lampion is een huisvrouw, ze zorgt voor de kinderen en zwijgt als haar man spreekt. En zo zijn er nog heel wat voorbeelden. De vrouwen in Kuifjes leven zijn dus de klassieke, omstreden vrouwen. Het typeert de tijdsgeest waarin Hergé, de tekenaar, is opgegroeid: een vrouwonvriendelijke wereld. Vrouwen hadden gewoon geen grote rol in het dagelijkse leven. Buitenshuis dan toch. En Kuifje is zelden thuis, nietwaar? Kuifje leefde ook nog na de grote omwenteling in het rollenpatroon, maar Hergé was nu eenmaal van de tijd daarvoor. Zo onlogisch dan? Om daar dan uit te concluderen dat Kuifje homo is, dat is wel sterk. Bovendien was Hergé ook sterk katholiek opgevoed. Hergé is dus echt opgegroeid met de idee dat vrouwen niets te zoeken hebben in het dagelijks leven. Dat steekt in de strips, maar je kunt het hem moeilijk kwalijk nemen: hij wist niet veel beter. De omwenteling liet zich allicht niet voelen in zijn omgeving: bij de oudere mensen bleef alles wel bij het oude. De jeugd was veranderd. De vrouwen in de avonturen van Kuifje zijn van leeftijd duidelijk nog van voor het feminisme.

Daar komt nog eens bij dat de uitgever het ook nooit zou hebben gepikt dat Kuifje met vrouwen op stap ging, zeker niet in 1929. Ook de Fransen zouden Kuifje kunnen weren hebben als dat er in stond. Ten voordele van hun eigen strips natuurlijk, ze voelden wel dat de Belgische strip hen inhaalde. Kuifje verscheen in de beginjaren ook in een zeer conservatief, katholiek blad. Vrouwen hadden in die kringen in 1929 echt niets te zoeken. Dat Hergé de vrouwen later nog had kunnen invoeren, is natuurlijk wel waar. Maar zoals ik zei: hij is in zo’n sfeer opgegroeid, dat krijg je er niet meteen uit.

Het is trouwens hetzelfde verhaal voor zijn vermeende racisme. In 1929 was er Congo, Belgisch eigendom. Vele verhalen kwamen in België binnen, met uiteraard ook stereotypen over de Congolezen. Ze waren dom, lui, pikzwart met dikke lippen, enz. Hergé kende de negertjes slechts uit boeken en tijdschriften. Die dan nog eens van katholieke bronnen kwamen, dus al duidelijk aangedikt. Hetzelfde geldt trouwens voor de Russen in “Kuifje in het land van de Sovjets”. Of de Amerikanen in “Kuifje in Amerika”. Het is pas vanaf “De Blauwe Lotus” dat Hergé zich echt ging verdiepen in de onderwerpen voor hij ze op papier neerzette. Dat kwam door zijn vriend Tsjang, die dus ook in de strips voorkwam. Is het dan ook niet meteen logisch dat Kuifje weent om een vriend van Hergé zelf? Hergé die gescheiden leefde van Tsjang door de Koude Oorlog.

Helaas bleef het niet bij deze jeugdzonden. In “De Geheimzinnige Ster”, een album uit de Tweede Wereldoorlog, was de grote schurk een Jood. Of dat wordt beweerd, hij heette namelijk Blumenstein. Dat werd dan Bohlwinkel, net door die kritiek. Dat verwees naar het Brusselse woord voor snoepwinkel, maar helaas, dat was ook een Joodse naam! Grote vijand Rastapopoulos lijkt ook een typische Jood. In “De krab met de gulden scharen” sloeg een zwarte Kuifje’s goede vriend Haddock. Die werd later… een Turk. Onlogisch is dat allemaal niet: negers werden toen gewoon misbruikt om zo’n taken uit te voeren (we spreken over de jaren ‘40) en die Turk, sja, zo onlogisch is dat niet, want Kuifje zit in een Arabisch land. Turken zijn geen Arabieren, maar ah, zelfs nu nog weet niet iedereen dat. Een vlugge ‘verbetering’ allicht, een ongelukkige, net zoals met die Jood. Ongelukkige episodes die Hergé als racist lieten gelden, maar niets is minder waar. Hergé had inderdaad vooroordelen en schaamde zich daar achteraf ook voor. Hij had “Kuifje in Afrika” nooit willen hertekenen, maar moest. Voor het verhaal in Rusland kreeg hij trouwens wat hij wou: géén nieuwe uitgave. Maar Afrikanen zijn bijvoorbeeld wel dol op “Kuifje in Afrika”. Ze lachen met ons beeld over hen. Inderdaad, het is gewoon een typisch beeld, zelfs nu nog. Het is alsof zij verhalen zouden maken over de Belg die altijd weer met een puntzak met frieten in de hand loopt en flauwe grappen vertelt. Zoals in Asterix. Maar wie Hergé kàn beschuldigen van racisme, met echte feiten, moet dat zeker doen. Het zal niet lukken. Vele buitenlanders (die meestal inlanders zijn in feite) hélpen Kuifje zelfs. Of hij hen. De manier waarop hij de Chinezen neerzet, is bijvoorbeeld fantastisch. In die tijd dacht iedereen dat Chinezen vlechten hebben en vogelnestjes eten. Nog steeds in feite. Ook de Indianen in Amerika komen er nog goed uit, namelijk met een sneer naar de manier waarop ze door onze “cultuur” verpest zijn. De Jood dan? Wel, bedrijfsleiders zijn zelfs nu nog vaak Jood. Colruyt is ook van Joodse afkomst, liet ik me vertellen. Waarom haatte Hitler ze? Juist, omdat ze zoveel macht hadden. Dat de grote bedrijfsleider dan een Jood is, is geen wonder. Het had ook een Amerikaan kunnen zijn, wat trouwens ook al vaak voorvalt in Kuifje.

Nee, Kuifje was geen homo of racist. Hergé evenmin. Eén boodschap: leer dingen in hun tijdsgeest te zien. We spreken hier over albums van 80 jaar oud. Hergé was toen jong. En geef toe, je jeugd, dat is de periode waarin je je meningen en je wereldbeeld vormt. Het achteraf bijstellen is altijd een probleem. Het is iets te goedkoop om de Belgische stripheld zo te kleineren. Integendeel: Kuifje wordt stilaan een soort geschiedenisboek. “Hoe dachten mensen vroeger? voor Dummies.”

Laat een reactie achter