
cover "Le Trombone Illustré" van Dupuis
Een aankoop voor mijn stripcollectie een paar weken geleden, was die van Le Trombone Illustré. Er hangt een hele historie aan dit lijvige boek (het is groter dan een A4 en zeer dik, ruim 270 pagina’s).
Het boek is een heruitgave van een boek uit 1980 dat tegenwoordig onvindbaar en heel duur is. Een verbeterde versie weliswaar, want naar aanleiding van de dood van Yvan Delporte en het tegelijk verschijnen van een biografie rond deze man, is er een heel stuk bijgevoegd.
Maar laat ons beginnen bij het begin. In 1977 verscheen in het weekblad Spirou (niet in Robbedoes, de Nederlandstalige versie ervan!) een soort bijlage. De weken voor het effectieve verschijnen werd in het weekblad al aangekondigd dat er mensen bezig zijn ’s nachts de installaties te gebruiken. Het wordt duidelijk dat het gaat over een illegaal tijdschrift, dat clandestien bij het weekblad wordt gevoegd. Natuurlijk is dat in het echt niet zo, de bijlage was gepland, maar voor de lezers had het zo wel een leuk kantje. De bijlage promootte zichzelf ook steevast als clandestien of als piraatuitgave (later). Het idee kwam van Yvan Delporte en André Franquin. Delporte was lang hoofdredacteur van Robbedoes/Spirou, maar was dat in 1977 niet meer. De opzet was om met Le Trombone Illustré een nieuwe weg in te slaan, zowel op grafisch als verhaaltechnisch gebied. Wel, die bijlagen zijn gebundeld in dit boek.

cover "Le Trombone Illustré" van Marsu
Hoewel dat verhaal over ‘n illegale uitgave overdreven was, is het wel zo dat de Trombone los stond van Spirou. De tekenaars die eraan meewerkten, waren vaak niet verbonden aan het tijdschrift en werden ook los daarvan betaald. Sommige kwamen zelfs van de concurrentie, maar met een grote gedrevenheid. Volgend Delporte was de vraag om eraan mee te werken erg groot. Sommigen gingen zelfs akkoord met een lager loon dan ze gewoon waren, al was dat loon ook wel mooi.
Inhoudelijk dan? Eigenlijk valt daar veel over te vertellen. Elke week was er wel iets nieuw. Heel veel tekenaars hebben eraan meegewerkt, maar velen slechts kort of met tussenpozen tussen 2 stukken. Redelijk vaste waarden, waren o.a. Roba, Peyo, Franquin (uiteraard), Gotlib, Degotte, Jannin, Sirius… De verhalen zelf zijn grappig, ontroerend of spannend, sommige duurden meerdere weken, sommige niet. Er zijn ook heel veel rubrieken. Verhaaltjes over een ruimtewezen dat onze aarde ziet en veel dingen niet snapt (geld, gokken op paarden, de politie) en ons doen nadenken over onze wereld. Een ander stukje sciencefiction was elke week aanwezig. Ook een stukje commentaar over de fictieve makers van het blad, die zogezegd onder het grote weekblad leefden. Vaak werd daarin een bepaalde tekenaar aangeprezen, omdat die voor de eerste keer in de bijlage verscheen. Daarnaast was er ook vaak een stukje van fictieve Nana, die over feministische onderwerpen schreef. Maar er waren ook veel stukjes die maar enkele keren verschenen, zoals een puzzel.
Ook speciaal aan de hele bijlage, is dat het elke week een andere titeltekening en “aftiteling” had. Dat laatste was achteraan een kolommetje waar wat praktische info staat rond de uitgever, daar werd de draak mee gestoken. De titel zelf, vooraan dus, was elke week een hoogstaand stukje grafische kunst, meestal van Franquin. Het bevatte telkens de titel van de bijlage en daar werd dan mee gespeeld. In de eerste O woont een oude man, bijvoorbeeld. De letter é van “illustré” is ook een weerkerend item: Franquin vond het accent zo lelijk dat hij het verving door al wat maar kon. Een rotte banaan, de staart van de Marsupilami, een zelf uitgevonden vogel… Daarnaast was er ook een roker die steeds zieker wordt en uiteindelijk ook doodgaat. Er is een soort spelletje van een kindje dat ook elke week een variant krijgt, de trombonespeler krijgt een relatie, er is ook een plant die constant groeit, een zeldzame vogel met commentaar enz. De meest tot de verbeelding sprekende figuur, was misschien wel een bisschop. Die deed de gekste dingen met zijn staf. Elke keer iets nieuw en verrassend, maar vaak een vervolg van de voorgaande week. Ook was er destijds een Franse wet die leenwoorden uit het Engels verbood, daar werd ook mee gelachen.
Die titels zijn overigens ook gebundeld bij Marsu Productions in een boek met dezelfde naam (zie tweede afbeelding). Enkel de titelbladen van Franquin zijn daarin opgenomen, maar de meeste waren dan ook van hem. Het boek bevat commentaar van Delporte, waardoor je het andere boek véél beter begrijpt. Hij legt de hele geschiedenis uit en het is soms echt wel wat…
Helaas voor deze wonderlijke bijlage, die inderdaad vernieuwing bracht en zeer moeilijke thema’s niet uit de weg ging, was zijn leven maar van korte duur. De uitgever kreeg ‘n klacht, desondanks de hoge kwaliteit van de bijlage. Iemand zou z’n abonnement opzeggen. Na 30 bijlagen besloot de uitgever, Dupuis, niet meer te investeren in dit magazine. Dat er ook tekenaars van andere bladen aan de slag gingen in deze bijlage, was mijnheer Dupuis ook een doorn in het oog.
Het is onvoorstelbaar wat Le Trombone Illustré heeft betekend voor heel wat tekenaars die hier hun debuut maakten. Bekende mensen zijn het geworden. Deze clandestiene bijlage is van bijzonder groot belang gebleken. Na het opdoeken kreeg het een mythische status. Het werd vaak gekopieerd, maar het sloeg nooit meer aan. Alleen Fluide Glacial is hiervan eigenlijk de enige waardige opvolger.
Ook Franquin heeft aan de Trombone veel te danken, al is het niet zijn bekendste werk geworden. Zwartkijken zag hier namelijk het levenslicht. Ook zijn bekende monsters trouwens. Daar was het mij nog het meest om te doen. Verzamelaar ben je of ben je niet hé.
Ik kan het boek absoluut aanraden, al is het alleen in het Frans verkrijgbaar. Helaas moeilijk Frans. Er staan soms wel taalgrapjes in en die heb ik niet verstaan. Voor de rest heb ik veel Frans bijgeleerd en daar ben ik blij om. Een woordenboek is handig. Wat ik ook heb gedaan en een goede tip kan zijn: lees absoluut ook het boek van Marsu Productions. Per aflevering heeft Delporte een stuk geschreven in dat boekje. Dat lezen voor je de bijhorende bijlage leest in het dikke boek, is wel fijn. Je leert er zo de achtergrond echt van kennen. Gouden raad! Het zijn beiden prima boeken.
Le Trombone Illustré
Richtprijs: € 70,-
Uitgeverij: Dupuis
Le Trombone Illustré
Richtprijs: € 29,-
Uitgeverij: Marsu Productions
Le Trombone Illustré