Vrijdag viel er wat te vieren rond mijn zeer erg gekoesterde relatie. Voor een keertje vertrok ik daarom per trein terwijl de zon nog volop licht gaf. Het gaf me de kans om de trein al van ver te zien komen. Ik slikte even. In de plaats van de gebruikelijke 3 AM96-stellen (3×3 wagons dus) kwamen er 3 klassiek tweestellen (3×2 wagons) mijn richting uit. Het woord “klassiek” is redelijk letterlijk te nemen: de dingen gaan al mee van de jaren 60 (!) en ze zijn zowat de meest voorkomende treinen van de NMBS. Als je zou beweren dat ze nog op kolen of diesel rijden, zou je het nog geloven, maar ze gebruiken toch gewoon elektriciteit. Ze maken soms ook een hels kabaal, alsof iemand constant tegen de trein stampt. Dat had mijn wagon niet, maar bij mij klonk het alsof er iemand óp de trein liep, zoals je in een M6-wagon (de moderne dubbeldek) onderaan hoort. Ah, ik moet me niet zo uitlaten over die stelletjes, want ik had nog een beetje geluk. De trein was namelijk een bonte verzameling van 3 stellen: in het midden een oud, bordeaux stel, achteraan een gemoderniseerde versie in de moderne NMBS-kleuren en vooraan – waar ik ging zitten – een CityRail-rijtuig. Een klinkende naam, maar in feite is het niet zo anders dan de gemoderniseerde versie. Leuk nummertje, dat wel: 987.
![]() CityRail 987 |
![]() Gemoderniseerd interieur |
Binnen is alles een beetje zoals je van de NMBS verwacht als ze andere treinen instellen dan anders: verpaupering. De blauwe zetels van de AM96 zijn veel mooier dan de paarse zetels van zo’n CityRail. Niets zo erg als de bordeaux stelletjes hoor, die hebben groene en blauwe zetels, erg hard. Zelfs een foto op deze weblog zou al een kwelling zijn. Het plastiek van de zetels is in deze gemoderniseerde wagons in feite nog hetgeen dat ze het meeste doet verschillen van de AM96, die hebben stoffen zetels. Helemaal vooraan hoor je ook vaak een “ping”, bij mij weten zo’n signaal zoals nog wel voertuigen hebben: als de machinist niet reageert, zal de trein vanzelf stoppen. De naam ervan ontglipt me. Ooit maakte ik iemand wijs dat dat zoals op de bus is: iemand die belt om te zeggen dat hij/zij er de volgende halte af moet. Op een boemellijntje zou je het nog geloven met zo’n tramachtige trein, op een IC-lijn zoals deze helaas niet.

Paarse zetels en een haak: huisstijl voor "moderne oude brol" van de NMBS
De mist was opgeklaard en het was een heel erg mooie dag geworden, althans in Brugge. Het mooie weer nam ik gewoon mee. De mooie taferelen buiten deden denken aan de lente, zeker na al die sneeuw. De lente zal wel nog niet direct komen, zeker niet met de voorspelde temperaturen voor de volgende dagen, maar genieten mocht toch al eens. Vanachter glas een ware pracht. Lezen zat er niet in, mijn ogen werden te veel aangetrokken door de omgeving. Op de weg zag ik enkele grote, bruine vogels, ik vermoed buizerds. ‘n Zalig zicht.

Gemoderniseerd klassiek tweestel 761 te Berchem (links)
De terugreis op zaterdagavond verliep gek genoeg met nét dezelfde treinconstructie. Nu was de voorkant stel 761, die vrijdag achteraan hing (foto boven). Logisch, want voorkant is nu achterkant. Dit gemoderniseerd niet-CityRail-tuig was ook wel oké. Maar AM96, dat is nog altijd wat anders. Ik zou wel graag eens horen van de NMBS waarom ze die plots niet meer op dit traject inleggen. De voorbije weken viel op dat ze het aantal wagons van 9 naar 6 reduceerden, nu krijgen we 6 wagons die je anders enkel op de boemeltreintjes vindt. Wat ik er ook al niet goed aan begrijp, is hoe dat kan dat deze stellen de veel modernere AM96 kunnen vervangen. AM96 haalt 160 km/u, die mormels maximaal 140. Rijdt de gewoonlijke trein dan te traag? Want de trein kwam wél op tijd aan.

Interieur gemoderniseerd klassiek stel 761





Alles gaat goed bij MNM hoor. De cijfers zitten goed waar ze goed moeten zitten. We moeten het wat tijd geven.
Opvallend vond ik het om vanmorgen Paul D’Hoore nog eens op tv te zien. Niet dat dat zo uitzonderlijk is, hoewel het omgekeerde een tijdlang wel waar was: hem niet zien was al even uitzonderlijk als mijn eigenste ex-prof Marc Van Ranst niet te zien tijdens de grieppandemie. Paul D’Hoore, financieel analist, blijft zich blijkbaar wel aan zijn dieet houden. Martine Tanghe had hem namelijk voor het programma Volt gevraagd wat af te vallen. Het onmogelijke kwam uit: D’Hoore vermagerde. De tijd is echter rijp voor een nieuw kostuum nu. Bekijk de foto hiernaast maar eens.
Zo zie, thuis en weer mezelf. Dat was daarnet wel even anders. Net kwam ik in iets nettere kledij thuis. Zo was ik dan ook van de trein gestapt. Een bizarre belevenis, want één van de weinige keren dat ik in een I6- of I10-wagon zat (ik kan die niet uiteen houden omdat die vanbinnen hetzelfde zijn (voor zover ik weet) en ik vergat naar de nauwelijks verschillende buitenkant te kijken). Mooie stoffen zetels, maar het interieur doet me altijd een beetje denken aan een bezoekje bij wijlen mijn overgroottante. Niets mis mee voor even, zeker al geen verslechtering vergeleken met de geüpdatete klassieke motorstellen in welke ik tussen Brussel-Luxemburg en Brussel-Noord zat (er hing ook een niet-vernieuwd exemplaar aan, maar die liet ik maar mooi voor andere passagiers, ik kan ze niemand aanbevelen; het CityRail-stel kon ik ook gebruiken, maar ik moest kiezen hé).
Martine Tanghe toch! Wat ben je toch een grapjas! Lees zelf maar (over de samenwerking tussen VRT en vtm voor het tv-programma voor Haïti):

